dinsdag 13 mei 2014

Ina Boudier-Bakker

Pieter Craets en zijn vrouw zaten aan de tafel. Hij met de krant, zij achter het theeblad met haar breiwerk. Tweemaal had hij over het Handelsblad heengekeken op het punt iets te zeggen; en tweemaal had zijn blik onrustig haar hardnekkig naar 't breiwerk gebogen gelaat weer losgelaten.
   Den derden keer keken zij beiden gelijk op.
  'Ja?' zei ze.
  'Tja....' zei hij.
   Zij zwegen weer. Zij liet een pen vallen, en terwijl zij bukte om die op te rapen, omvatten in één vluggen opslag haar oogen de kamer.
   Toen sprak zij kalm.
   'Als jij het noodig vindt, dan moet het gebeuren.'
   Hij schraapte.
   'Kijk eens; 't valt me hard. Maar.... er is een tijd van komen, er is een tijd van gaan - zegt de Genestet. Dat is waar. En voor mij is nu de tijd gekomen om te gaan.'
   'En voor mij - uit dit huis,' dacht ze.

Uit: De klop op de deur

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen